Skip to content

V. De oversteek

Hoofdstuk 6: Voertuigen in beweging

De groei

Het is de  ontmoeting van twee voertuigen die in tegengestelde richting  op dezelfde rijstrook rijden  .

Algemene regels

De oversteek gebeurt altijd   rechts.

Wanneer u een voertuig passeert, houd dan  voldoende zijdelingse afstand  , houd indien nodig rechts aan.

De wegcode  vermeldt geen exacte afstand  bij het passeren van een motorvoertuig.

De bestuurder die een  vast obstakel, een stilstaand of geparkeerd voertuig of  een werk tegenkomt  , moet  indien nodig vaart minderen en stoppen  om  voorrang te geven  aan bestuurders die uit de tegenovergestelde richting komen.

Wanneer de  rijbaan te smal is  en je elkaar niet kunt passeren, kun je  de berm op gelijke hoogte gebruiken,  zolang je  de gebruikers  daar niet in gevaar brengt .

Het is echter  verboden  te reizen op:

  • stoep  ,
  • Fietspad  ,
  • en een  uitstekende schouder.

Als de  rijbaan te smal is,   je elkaar niet kunt passeren en er voorrangssignalen zijn  die  het verkeer regelen, zul je je daaraan houden.

Kruis paden op een kruispunt

Wanneer twee linksafslaande automobilisten elkaar passeren op een  kruispunt zonder selectiepijlen, wordt het kruispunt van rechts gemaakt.

Als het kruispunt daarentegen is uitgerust met selectiepijlen, gebeurt dit vanaf de linkerkant.

Een spoorvoertuig oversteken

Het oversteken van een spoorvoertuig via de rijbaan  kan links  als dit niet rechts kan vanwege:

  • De  krapte  van de doorgang,
  • De aanwezigheid van een  stilstaand of geparkeerd voertuig,
  • De aanwezigheid van een  vast obstakel,
  • Op een  eenrichtingsweg gaat u  op het kruispunt linksaf.

Op voorwaarde dat   gebruikers die in de tegenovergestelde richting reizen niet worden gestoord of in gevaar worden gebracht .

Het kruisen van paden met een voetganger of fietser

Wanneer u een voetganger of fietser passeert, dient u  binnen de bebouwde kom een ​​zijdelingse afstand van 1 meter aan te houden en buiten de bebouwde kom 1,5 meter.

Ik test mijn kennis met vragen

Chapitre 1: La réglementation